Hoofdluiscontroles op de Blokwei

Beste ouder(s), verzorger(s),

 

Zoals na iedere vakantie gebruikelijk is, is er op woensdag na de vakantie weer een hoofdluiscontrole.

Onze ouders uit de hoofdluisgroep zullen alle haren weer controleren. Wilt u zoveel mogelijk zorgen dat de haren los zijn en vrij zijn van stiekjes , gel etc.?


Ons hoofdluisbeleid is sinds kort aangepast n.a.v. nieuwe inzichten van het RIVM (RijksInstituut voor Volksgezondheid en Milieu). Hieronder leest u de belangrijkste punten:

Hoofdluis is op veel scholen een regelmatig terugkerend probleem. Niet gek, want luizen lopen via het haar over van hoofd naar hoofd. En op school hebben kinderen intensief contact met elkaar. Vaak controleren en zo snel mogelijk behandelen vormen samen de beste remedie.

Het RIVM (RijksInstituut voor Volksgezondheid en Milieu) komt met belangrijke aanpassingen in de richtlijn hoofdluis. Belangrijkste wijziging. Maatregelen zoals het wassen van beddengoed, knuffels, jassen en het stofzuigen van de auto zijn niet meer nodig. Dat scheelt heel veel tijd, geld en stress bij ouders van kinderen met hoofdluis!

Vooral de haren

Het RIVM adviseert de behandeling van hoofdluis vooral te richten op de haren (kammen, in combinatie met een antihoofdluismiddel) en niet op de omgeving. Hoofdluis is voornamelijk overdraagbaar via haar-haar-contact. Er is onvoldoende wetenschappelijk bewijs voor overdacht van hoofdluis via voorwerpen zoals beddengoed, jassen, petten etc. Het effect van een luizencape of luizenzak op de verspreiding van hoofdluis is niet wetenschappelijk aangetoond. Dit is de reden waarom zij luizencapes en luizenzakken niet aanraden.

Waarom twee weken kammen?

Vanaf de eerste kambeurt is het besmettingsgevaar grotendeels geweken. De reden dat men toch twee weken moet doorgaan is dat de neten niet allemaal tegelijk uitkomen maar geleidelijk. Als je de eerste dag alle luizen hebt verwijderd, kunnen dus tot twee weken daarna nog nieuwe luizen uit de neetjes komen die je niet hebt verwijderd.

Geen andere maatregelen?

Uit een literatuurstudie is gebleken dat er onvoldoende bewijs is voor overdacht van hoofdluis via voorwerpen zoals beddengoed, jassen, petten etc. Om deze reden hebben wij ons beleid aangepast; het RIVM-beleid is (indien mogelijk) altijd gebaseerd op wetenschappelijk bewijs.

Daarom richten we ons bij hoofdluis vooral op de behandeling (kammen, al dan niet in combinatie met een antihoofdluismiddel) van de haren en niet op de omgeving. Hoofdluis is voornamelijk overdraagbaar via haar-haar-contact en niet via indirect contact.

Nieuwe antihoofdluismiddelen

Daarnaast zijn er sinds enige tijd in Nederland nieuwe antihoofdluismiddelen beschikbaar met als werkzaam bestanddeel dimeticon (een silicoonachtige stof). Dimeticon heeft een fysische werking: bij een behandeling kapselt het polymeer de luis hermetisch in, waardoor deze door een tekort aan zuurstof sterft. De werkzaamheid is in diverse klinische studies meermalen bewezen. Deze behandeling leidt niet tot resistentie-ontwikkeling.

 

Het hoofdluisbeleid is dus aangepast op basis van nieuwe wetenschappelijke inzichten en in overleg met de jeugdverpleegkundige van de GGD die aan onze school is verbonden. Het blijft wel zo dat wij de hele groep zullen informeren als er hoofdluis heerst, zodat u ook goed uw eigen zoon of dochter kunt checken op de eventuele aanwezigheid van hoofdluis.

Mocht u nog vragen hebben n.a.v. bovenstaande, dan hoor ik dat graag.


Met vr. groet,

Karin Goverde

Directeur de Blokwei